Omvang veestapel als oorzaak: stikstof, mest, water, klimaat, ruimte, dierenwelzijn en gezondheid als uitlaten

Analyse dossier

De omvang van de Nederlandse veestapel is de gemeenschappelijke oorzaak van meerdere problemen die nu vaak los worden aangepakt: stikstof, mest, water, klimaat, ruimtebeslag, dierenwelzijn en gezondheid. In 2025 telde Nederland 3,64 mln runderen, 9,77 mln varkens, 87,7 mln kippen en 0,63 mln geiten op 1,79 mln ha cultuurgrond (CBS). De veestapel produceerde 74 mld kg mest met 439,6 mln kg stikstof en 141,5 mln kg fosfaat; rundvee levert ca. twee derde van de stikstof. Nederland staat 18e van 18 op stikstofoverschot (164 kg N/ha), 69,9% van de landnatuur krijgt te veel stikstof. De landbouwexport was 137,5 mld euro. Tegelijk financiert de overheid de omvang mee via regelingen (landbouwvrijstelling 1,4 mld, OVB-vrijstelling 343 mln, zuivelvrijstelling 326 mln, GLB-basisbetaling 338 mln, borgstellingskrediet 60 mln) en besteedt zij 20 mld aan de stikstofpot. PBL: zonder generieke korting van 5-10% van de dierrechten wordt het ammoniakdoel 2035 niet gehaald.

Grondoorzaak

(1) Een volume dat groter is dan wat bodem, water, lucht en natuur kunnen dragen, gericht op export. (2) Publieke prikkels die dat volume en schaalvergroting in stand houden (fiscale vrijstellingen, inkomenssteun per hectare, borgstelling zonder duurzaamheidseisen, exportbevordering) - WSER 2026-011 beoordeelt ze overwegend negatief. (3) Beleid dat de uitlaten (emissies per stal, per stof) afzonderlijk reguleert en niet de omvang; plafonds dekken alleen stal- en opslagemissies, ongeveer de helft (PBL). (4) Een dreigende maar onvoorspelbare generieke korting die investeringen remt (PBL). (5) Niet-beprijsde externe kosten: beprijzingstekort landbouw 4,2 mld (MN2027).

Sociale schade
8 /10
Complexiteit
8 /10
Escalatierisico
8 /10

Effecten van de huidige situatie

Effecten van de situatie zonder nieuw beleid, in € miljoen per jaar met 1 decimaal. Negatief is een nadelig effect. Lage impact is de grens die het dichtst bij 0 ligt, hoge impact de grens die het verst van 0 ligt, voor positieve en negatieve effecten. Financiële effecten zijn begrotingsuitgaven, begrotingsinkomsten en gemiste belastinginkomsten; maatschappelijke effecten zijn welvaartseffecten; risico's staan als jaarlijkse bufferpremie, kans maal schade. Onderaan staat het totaal.

EffectLage impact
€ mln/jaar
Midden
€ mln/jaar
Hoge impact
€ mln/jaar
HoeveelheidBron
Financiële effecten (begroting en gemiste inkomsten)
Begrotingsuitgaven (huidige situatie)-86,9-86,9-86,9–
peiljaar 2027
dp:1629 src:1625
Begrotingsuitgaven huidige situatie, ontwerpbegroting 2027. Hfdst XIV LVVN art. 21 Land- en tuinbouw, onderdeel Mestbeleid 86,9 mln: aanpak mestmarkt 66,9 en regulier mestbeleid 20,0. Beeindigingsregelingen staan in art. 25 en tellen bij analyse 51. dp:1629, Bron src:1625. Prijspeil en begrotingsjaar 2027; de bron geeft een puntraming, dus laag, midden en hoog gelijk. Uitgave, dus negatief.
Begrotingsinkomsten (huidige situatie)2,22,22,2–
peiljaar 2027
dp:1630 src:1625
Begrotingsinkomsten huidige situatie, ontwerpbegroting 2027. Hfdst XIV LVVN art. 21, ontvangsten monitoring en handhaving mestbeleid 2,2 mln. dp:1630, Bron src:1625. Prijspeil en begrotingsjaar 2027; de bron geeft een puntraming, dus laag, midden en hoog gelijk. Inkomst, dus positief.
Subtotaal financiële effecten-84,7-84,7-84,7
Maatschappelijke effecten (welvaart)
Klimaateffecten (CO2-emissies, gemonetariseerd)-6.100,0-6.100,0-6.100,0–
peiljaar 2023
dp:940 src:81
Klimaatschade van de broeikasgasuitstoot van de veehouderij, huidige situatie 2022: circa 6,1 mld euro per jaar, eigen aflezing uit de grafiek op p.17; hele landbouw 7,87 mld. LCA inclusief upstream zoals veevoer en kunstmest, ook in het buitenland, x 0,14 euro per kg CO2-eq, CE Delft 2023, prijspeil 2023. Bron src:81, dp:940. Geen bandbreedte in de bron. Schade, dus negatief.
Omgevingseffecten (geluid/lucht/stikstof)-5.100,0-5.100,0-6.990,0–
peiljaar 2023
dp:941 src:81
Gezondheids- en ecosysteemschade van ammoniak uit de veehouderij, huidige situatie 2022: circa 5,1 mld euro per jaar, eigen aflezing p.17; hele landbouw 5,85 mld. NH3-emissie x 53,16 euro per kg, CE Delft 2023, prijspeil 2023. Bron src:81, dp:941. Ondergrens -6.990 = -5.100 min primair fijnstof hele landbouw 0,48 mld, dp:944, min eutrofiering hele landbouw: stikstof naar water 1,30 mld, dp:942, en fosfor 0,11 mld, dp:946; van fijnstof en eutrofiering is geen veehouderij-aandeel bekend, daarom alleen in de ondergrens. Eutrofiering niet dubbel met zuiveringskosten in analyse 62. Secundair fijnstof zit al in de NH3-prijs. Schade, dus negatief.
Biodiversiteitsverlies door landgebruik (eigen schatting)-1.500,0-1.500,0-2.460,0–
peiljaar 2023
dp:943 src:81
Biodiversiteitsverlies door landbeslag van de veehouderij inclusief voerareaal, huidige situatie 2022: circa 1,5 mld euro per jaar, eigen aflezing p.17; hele landbouw 2,46 mld als ondergrens. Schaduwprijs 729-1.640 euro per ha per jaar, True Price 2021, dp:950. Bron src:81, dp:943. Alleen direct landbeslag; verlies door ammoniak en pesticiden apart. Geen rij voor Effect 43 in deze analyse, dus geen dubbeltelling met soortwaarde intrinsiek. Schade, dus negatief.
Subtotaal maatschappelijke effecten-12.700,0-12.700,0-15.550,0
Totaal effect huidig beleid-12.784,7-12.784,7-15.634,7financiële effecten + maatschappelijke effecten + risico's
waarvan eigen schatting: -1.500,0 / -1.500,0 / -2.460,0 € mln per jaar (lage impact / midden / hoge impact)

Open data: help mee. Zie je een fout, een betere bron of een ontbrekend cijfer in deze analyse? Stel een correctie of aanvulling voor. Voorstellen worden alleen door een mens beoordeeld en doorgevoerd; elke wijziging wordt gelogd.

Correctie of aanvulling voorstellen
Video / media

Analyse

Kern

Deze analyse behandelt de omvang van de veestapel als oorzaak en stikstof, mest, water, klimaat, ruimte, dierenwelzijn en gezondheid als uitlaten. ana:51 (Stikstoffonds) is daarvan een deelaspect: het fonds bestrijdt vooral een uitlaat. Mandaat 10 (Biosfeer-Integriteit) is gekozen omdat de veestapel planetaire grenzen voor stikstof en fosfor overschrijdt en de economie binnen die grenzen moet passen; dit sluit aan bij ana:26 onder hetzelfde mandaat.

Omvang (onderbouwd)

  • Dieraantallen 2025: rundvee 3.643.796 (dp:514), varkens 9.765.589 (2026 voorlopig 9.245.273; dp:515), kippen 87.721.700 (dp:516), geiten 628.018 en schapen 676.021 (dp:517) - CBS, src:424.
  • Dierrechten 2024: 7,62 mln varkenseenheden, 65,3 mln pluimvee-eenheden (dp:518, src:425). Fosfaat 2026 (CBS-prognose Q2): melkvee 72,4 mln kg tegenover sectorplafond 71,8 (+0,8%), varkens 29,0 tegenover 27,8, nationaal 136,8 tegenover het nationale plafond 135,0 (+1,3%); het kabinet bereidt afroming van varkensrechten voor (dp:541, src:444). Het werkelijk uitgegeven aantal fosfaatrechten melkvee (RVO) is niet openbaar gevonden.
  • Mest 2025: 74,1 mld kg; N 439,6 mln kg, fosfaat 141,5 mln kg, NH3 uit stal en opslag 40,6 mln kg N; rundvee ca. 2/3 van N (dp:519, src:426).
  • Ruimte: 1,79 mln ha cultuurgrond, 49.077 bedrijven (dp:521); grasland en groenvoedergewassen 1,15 mln ha = 64,0% van de cultuurgrond (dp:547; eigen deling van twee CBS-cijfers, ondergrens voor veevoer omdat voedergranen en import niet zijn meegeteld).
  • Export 2025: exportwaarde 137,5 mld (zuivel en eieren 13,3; vlees 12,1) - dp:520, src:427. Exportverdiensten (binnenlandse toegevoegde waarde van de export) 2024: zuivel en eieren 5,6 mld en vlees 4,5 mld, samen 10,1 mld (eigen optelling; levende dieren en veevoer niet inbegrepen) - dp:561, src:427 par. 4.27 p.64. De landbouw als geheel levert 29,3% van de goederenexportverdiensten (p.25). Een aandeel van de veehouderij in de landbouwexportverdiensten is niet berekend: er is geen totaal uit dezelfde editie en hetzelfde jaar.

Uitlaten (onderbouwd)

  • Stikstof: overschot 18e van 18, 164 kg N/ha (dp:44, dp:421); 69,9% landnatuur boven grens (dp:418); 30% stikstofgevoelige natuur onder norm (dp:429), 43% in 2035 met pakket (dp:448); NH3-reductie ca. 40% vs doel 42% zonder generieke korting (dp:443).
  • Klimaat: landbouw 17,7 Mt CO2-eq in 2024 (12,3% van NL; 70,4% van de methaan), waarvan pensfermentatie en mestmanagement 13,6 Mt (eigen optelling in NID) - dp:548, src:441. Exclusief energiegebruik en veenweide.
  • Water: nitraat in uitspoelingswater van landbouwpercelen 2020-2023 gemiddeld 65,5 mg/l in de Zandregio en 83,5 in de Loessregio (norm 50); 56% resp. 67% van de bedrijven daar boven de norm; sinds 2012 geen structurele verbetering (RIVM; alle landbouwbedrijven, melkvee het laagst) - dp:543, src:440.
  • Einde derogatie (2026): modeluitkomst WEcR: inkomensverlies standaardmelkveebedrijven gemiddeld ca. 27-51%, afhankelijk van een mestafzetprijs van 20-35 euro/m3 (dp:544, src:442).
  • Lucht en fijnstof: de landbouw levert 25-30% van de fijnstofconcentratie uit Nederlandse bronnen (primair fijnstof plus secundair fijnstof uit ammoniak); de veehouderij is verantwoordelijk voor 90% daarvan (Gezondheidsraad 2025/20 p.22; dp:559, src:454). Luchtverontreiniging veroorzaakt ca. 4% van de totale ziektelast in Nederland.
  • Gezondheid omwonenden: wonen binnen 1 km van een geitenhouderij hangt samen met gemiddeld 841 extra longontstekingen per jaar (marge 207-1.815 volgens de tekst, 0-1.815 volgens tabel 1), waarvan 628 binnen 500 m; dat zijn ca. 19 ziekenhuisopnamen en 8 sterfgevallen per jaar (Gezondheidsraad 2025/20 p.14/17/20; dp:556, src:454). De Kamerbrief van 10-2-2025 noemde 1.200-6.600 extra longontstekingen binnen 2 km (100-600 opnamen, 20-100 doden); de Gezondheidsraad noemt dat een overschatting (dp:557, src:455). In het VGO-onderzoeksgebied (Noordoost-Brabant/Noord-Limburg) hing in 2009-2013 ca. 5,4% van alle longontstekingen (ca. 89 per 100.000 inwoners per jaar) statistisch samen met wonen rond geitenbedrijven. Dat is een populatie-attributief risico uit VGO-I/II, regionaal en zonder vastgestelde causaliteit, geen landelijk cijfer (RIVM VGO-III p.18; dp:558, src:456). Effecten op de longfunctie zijn alleen kwalitatief beschreven.
  • Gezondheid overig: antibioticaverkoop landbouwhuisdieren 112.876 kg in 2025, -77,2% t.o.v. 2009 maar pluimvee +24,7% (dp:545, src:443); zoonosen 2024: 4 patienten acute Q-koorts, 2 pluimveebedrijven met H5N1, geen besmette mensen (dp:546, src:445).
  • Dierenwelzijn (proxy): een officiele monitor met kwantitatieve welzijnsindicatoren is niet gevonden. Als proxy dient de keurmerkdekking 2024 uit de Nulmeting dierwaardige veehouderij (consultancy Connecting Agri & Food met WSER, i.o.v. LVVN; gelabeld): Beter Leven 1 ster voor ca. 26% van de vleeskuikens, 23% van de varkens en 10% van de leghennen, melkkoeien ca. 0,25% (dp:560, src:457). Dit meet de dekking van een keurmerk, geen gemeten welzijn; voor een op de drie KPI's heeft het keurmerk voor meer dan 90% van de dieren geen norm.
  • Externe kosten: beprijzingstekort landbouw 4,2 mld (dp:524); milieuschade landbouw 6,5 mld in 2015, vooral ammoniak en methaan (src:74, ouder peiljaar). De gezondheidsschade rond veehouderijen is niet gemonetariseerd.

Maatregelen in volgorde (RuleId 10)

Stop (overheid stopt met financieren van de oorzaak): pol:193 zuivelvrijstelling (326 mln); pol:196 OVB-vrijstelling cultuurgrond (343 mln in MN2027 voor 2027; SEO-evaluatie: niet doeltreffend en niet doelmatig, ca. 290 mln in 2026; het kabinet beperkt de vrijstelling niet tot agrariers en de Miljoenennota meldt 'reactie volgt' - src:448); pol:195 GLB-basisbetaling omvormen (338 mln; EU-voorstel GLB 2028-2034 oormerkt minimaal 300 mld EU-breed voor inkomens- en crisissteun met aftopping op 100.000 euro per bedrijf, nog niet vastgesteld, NL-envelop onbekend - bi 109, src:447); pol:197 Borgstellingskrediet alleen duurzaam (60 mln); pol:198 exportbevordering dierlijke bulk (LVVN Attache Netwerk totaal 20,6 mln in 2026, aflopend naar 18,5 mln; deel voor de veehouderij niet in de bron - bi 108, src:446; tegenover exportverdiensten van zuivel, eieren en vlees van 10,1 mld in 2024, dp:561). Bestaand en niet gedupliceerd: pol:177 landbouwvrijstelling (1.424 mln) en pol:176 generieke afbouw biodiversiteitsschadelijke prikkels (ana:26).

Bron: pol:199 volumemaatregel - voorspelbaar krimppad van 5-10% van de dierrechten met afroming (PBL); de fosfaatoverschrijding (dp:541) en de voorbereide afroming van varkensrechten laten zien dat volumesturing al nodig is; een officiele compensatieraming of juridische toets (eigendomsbescherming) van een generieke korting is niet gevonden. pol:200 extensivering, grondgebondenheid en omschakeling. Bestaand: pol:178 sturen op gemeten emissiereductie.

Herstel: pol:201 uitkoop alleen met doorhalen van rechten en borging van extensief vervolggebruik, vrijval naar natuur- en waterherstel. Bestaand: pol:179 natuurherstel per leefgebied (herstelkosten per gebied lopen via Action 193).

Effecten van de stopmaatregelen op de omvang van de veestapel zijn in de bronnen niet gekwantificeerd (WSER noemt het effect van de zuivelvrijstelling op de melkproductie onzeker; onderzoek via Actions 189 en 190); het argument is dat de overheid de oorzaak niet meer zelf financiert. Budgettair belang is fictieve derving, geen gegarandeerde opbrengst.

Alternatieven en opportunitykosten (RuleId 12)

Beslag: de vijf regelingen samen ca. 2,5 mld per jaar (eigen optelling van bi 93, 97, 99 (2027) en bi 100, 101 (2024); verschillende jaren, fictieve derving), plus 20,6 mln exportbevordering (totaal LAN, bi 108); de stikstofpot 20 mld cumulatief t/m 2035 (bi 49), gemiddeld ca. 2 mld per jaar (eigen berekening); ruimte: 1,79 mln ha cultuurgrond (dp:521), waarvan minstens 64% voor gras en groenvoer (dp:547) en ca. 180.000 ha (10% van het landbouwareaal) in de zones rond natuur (PBL, src:348). Daar staan exportverdiensten van zuivel, eieren en vlees van 10,1 mld (2024, dp:561) tegenover, en maatschappelijke kosten in de vorm van gezondheidsschade bij omwonenden (dp:556, dp:559) en milieuschade (dp:524).

  • Binnen de stikstofpot: PBL: 10 mld voor zones en extensivering volstaat om een zeer fors deel van de 180.000 ha vergaand te extensiveren, maar financiele regelingen komen zeer moeilijk tot besteding (src:348); uitkoop zonder doorhalen kan weglekken (pol:201). Planbureaus: het pakket haalt Nederland niet van het stikstofslot, maar kan voor sommige gebieden verschil maken voor vergunningverlening voor andere activiteiten (src:331) - brede-welvaartsopbrengst via woningbouw (ana:34), energie-infrastructuur en defensie.
  • Ruimte: vrijkomende grond in de zones kan volgens PBL naar recreatie, (kleinschalige) woningbouw, natuur, waterberging of defensie (src:348); klimaatadaptatie blijft volgens de planbureaus achter (src:331). De veehouderij concurreert dus om dezelfde grond en stikstofruimte met woningbouw (34), netten (46), Schiphol (22) en defensie (ana:60).
  • Geld: dezelfde ca. 2,5 mld/jr aan regelingen staat tegenover o.a. de maatschappelijke kosten van problematische schulden (minimaal 8,5 mld/jr, dp:18, ana:4) en een PFAS-saneringsopgave zonder landsdekkend overzicht of kostendekkend budget (ana:43). Monetaire milieuschade NL totaal 46,2 mld/jr (dp:111, PBL).

Een officiele vergelijkende doorrekening van de brede-welvaartsopbrengst per euro over domeinen heen bestaat niet (uitgezocht in Action 257/258): de planbureaus beschrijven synergieen en afruilen alleen kwalitatief (src:331, p.35-38) en de Aanvulling Leidraad MKBA brede welvaart geeft alleen de methode per maatregel (src:400). Deze vergelijking blijft dus kwalitatief.

Verdrongen dossiers met een hogere of gelijke score (S+E; deze ana:8+ana:8 = 16): hoger - 4 Acute armoede-escalatie (10+10), 11 Boetestapeling (10+10), 3 Zorg-bureaucratie (9+8), 19 Fossiele subsidies (9+8, zelfde type schadelijke prikkel), 5 Energie-afhankelijkheid (8+9); gelijk - 43 PFAS (8+8), 46 Netcongestie (8+8). Relevant maar lager (15): 51 Stikstoffonds (zelfde budget), 34 Woningnood (ruimte en stikstof), 42 Handhaving milieuwetten, 49 Toeslagenstelsel. Scores zijn indicatieve expertscores, geen brede-welvaartsrendement.

Fysieke samenhang (RuleId 8)

  • Ruimte en grond: cultuurgrond 1,79 mln ha, waarvan minstens 64% gras en groenvoer; grondmarkt (pol:177, pol:196), zones rond natuur 180.000 ha.
  • Water: nitraat boven de norm op zand en loess (dp:543), drinkwaterwinning, KRW; einde derogatie vergroot het mestoverschot en de mestafzetkosten (dp:544).
  • Stikstof en lucht: ammoniak uit stal, opslag en aanwending vormt ook secundair fijnstof; veehouderij 90% van de landbouwbijdrage aan fijnstof (dp:559); extra longontstekingen bij omwonenden van geitenhouderijen (dp:556-558).
  • Klimaat: methaan uit pens en mest 13,6 Mt CO2-eq (dp:548).
  • Grondstoffen: veevoerimport en kunstmest; mestoverschot en mestverwerking/transport; fosfaat boven plafond (dp:541).
  • Stallen en erven: bouw (borgstelling), sloop of herbestemming na beeindiging.
  • Gezondheid en dierenwelzijn: antibioticagebruik (dp:545), zoonosen (dp:546), gezondheid omwonenden (dp:556-559); dierenwelzijn alleen via de keurmerkdekking als proxy (dp:560).

Samenhang met andere analyses

26 (staat van de natuur; pol:176-179), 51 (Stikstoffonds; deelaspect van deze analyse), 40 (pesticiden), 42 (handhaving), 43 (PFAS, bodem en water), 19 (fossiele en schadelijke subsidies), 22 (Schiphol, stikstofruimte), 34 (woningnood, stikstof- en ruimteclaims), 60 (defensie, ruimteclaim), 45 (NII, mogelijk financieringskanaal - niet onderbouwd), 55 (arbeidsmigratie in vleesverwerking - niet onderzocht).

Financiele schakel: banken, schulden en geldschepping (28-09-2026, bijgewerkt na Action 275/276)

Stoppen of krimpen verlaagt de waarde van het onderpand van veehouders (stallen, rechten, soms grond). De vraag is wie dat verlies draagt: de staat via uitkoop, de boer via een restschuld of de bank via afschrijving. Sinds 28-09-2026 staat dit in drie concept-policies: 205 (B3 bron: wettelijke verliesdeling voor nieuwe leningen, prospectief), 206 (H2 herstel: bestaande leningen, opties A-D; keuze en bankaandeel bij Harmen, aanbeveling politician C met B als eerste toepassing, Action 275) en 208 (politieke optie: het voordeel van geldschepping afromen in plaats van vorderingen van de balans te halen). Toepassing 1 is deze analyse (pol:199/pol:201), toepassing 2 is de afbouw van de hypotheekrenteaftrek (ana:17).

  • Schuldpositie: vreemd vermogen landbouw 38,6 mld in 2022, waarvan graasdier 17,87 mld en hokdier 3,94 mld; bij hokdierbedrijven is 52% van de balans vreemd vermogen, bij graasdierbedrijven ca. 37% (CBS; bi 118, dp:579, src:486). Dit omvat alle schuldeisers, niet alleen banken. Rabobank: NL Food & Agri-leningen in retail 22,5 mld (30-06-2025; bi 119, src:483). De verdeling over banken, de schuld per bedrijf en het aantal bedrijven met schuld boven de liquidatiewaarde zijn niet uit een primaire bron gevonden.
  • Huidig beleid: Lbv/Lbv-plus vragen geen verplichte bijdrage van banken. Een beeindigingssubsidie valt in beginsel niet onder een bestaand pandrecht, maar ontslaat de boer niet van zijn schulden. Kwijtschelding is vrijwillig en begrensd door de ECB NPL-leidraad. Het kabinet onderzocht na de moties Thijssen en Beckerman juridisch verplichtende opties (src:484). De staat mag agrarische schulden niet overnemen (staatssteun, src:485).
  • Geldschepping en balansmechaniek: een bank schept geld door een lening te verstrekken; tegelijk ontstaan een vordering (activum) en een tegoed (passivum) (BoE 2014 p.14/16, src:479; WRR 2019 par. 2.2.2, src:480). Afboeken verlaagt de vordering, maar het tegoed blijft staan, dus het verlies gaat ten laste van het eigen vermogen (CET1), eerst ten laste van de winst en daarna van aandeelhouders of leden. Harmens argument (15:15) dat vorderingen uit geldschepping geen echt bezit zijn: juridisch is de vordering een vermogensrecht (BW 3:6) en eigendom onder EP1, en IFRS 9 par. 3.1.1 en BW 2:362 vereisen opname op de balans (src:490, src:498). Het tegoed blijft een echte schuld van de bank; weglaten van de vordering verschuift het gat naar het eigen vermogen en daarna naar spaarders (depositogarantiestelsel) of de staat. Alternatieven om het voordeel af te romen: bankenbelasting (bestaand, src:502), een seigneurage-heffing (geen NL-voorstel gevonden) of sovereign money (door WRR en kabinet in 2019 een ongewenst experiment genoemd, src:499; Zwitsers referendum 2018 verworpen met 75,7% nee, src:501; burgerinitiatief Ons Geld, src:500). Zie pol:208.
  • Prudentieel: een kwijtschelding of herstructurering bij een lener in financiele moeilijkheden is forbearance (CRR art. 47b); bij meer dan 1% verlies aan contante waarde telt de lening als default (CRR art. 178(3)(d); EBA/GL/2016/07 par. 51-52; dp:581). EBA/GL/2026/05 (vanaf 19-10-2026) handhaaft de 1% en wijst 5% af (src:487-489). Gevolgen: non-performing, IFRS 9 stage 3, hogere voorzieningen en risicogewichten, NPL-backstop voor leningen vanaf 26-04-2019 (src:490). De CRR is een verordening; een afspraak met DNB/ECB kan daar niet van afwijken. Het eerdere punt (4) van pol:205 is daarom geschrapt.
  • Buffers: gemiddelde CET1 NL-banken bijna 17,8%, in de DNB-stresstest ca. 2 pp lager en nog boven de eisen (dp:575, src:481). Pillar 1-minimum 4,5% RWA plus Pillar 2 en buffers. Rabobank: CET1 19,88% tegenover MDA-grens 11,1% per 30-06-2025, ca. 20,3 mld euro ruimte (dp:576, bi 120; eigen berekening). Eind 2025: CET1 20,3% en nettowinst 4.957 mln (src:503); de ruimte boven de MDA per eind 2025 is niet herberekend (Action 277). De stikstofvoorziening van Rabobank bedraagt slechts 18 mln (src:483).
  • Eigendom (EP1): een verplichte gedeeltelijke afschrijving van een bestaande vordering is inmenging. Mamatas t. Griekenland (2016): verplichte haircut van 53,5% op obligaties geen schending, gemeten aan de al gedaalde werkelijke waarde (src:492); Merkantil t. Hongarije (2018): wettelijke correctie van oneerlijke bedingen in lopende leningen binnen de fair balance (src:491); Lohuis (src:459). Voor nieuwe leningen na aankondiging is het risico klein (pol:205); voor bestaande leningen zie pol:206. Kusionova (HvJ EU C-34/13) gaat over oneerlijke bedingen en executie in Slowakije, niet over EP1.
  • Krediet en rente: VS-cramdown +12-16 bp hypotheekrente, vooral voor riskante leners (src:493); Hongarije 2011 (retroactief, ongefinancierd): huishoudkrediet -16-22%, goedkeuring -19-23 pp, lage inkomens -28-34 pp (dp:583, src:495); banken dicht bij de MDA-grens -3,5% bedrijfskrediet (dp:582, src:496); BIS 2010: +1 pp kapitaalratio circa -0,20% bbp via leenrente (src:497). Baat voor schuldenaren: minder executies en verhuizingen (src:494). NL-effect: PM.
  • Kwantificering (illustratief): 10% van het vreemd vermogen van de veehouderij = ca. 2,2 mld, ongeveer 0,9 pp CET1 bij een bank van Rabobank-omvang. Dit is een bovengrens, want 21,8 mld omvat alle schuldeisers; het bankaandeel is PM. Voor de HRA-toepassing (bankhypotheken 628 mld) is een generieke afschrijving niet draagbaar: 5% is al 31,4 mld. Daar moet het instrument gericht zijn en de afbouw geleidelijk (zie ana:17).

Relaties tussen pol:205, pol:206, pol:208 en pol:199/pol:201 en ana:17 zijn niet vastgelegd als policy_alternative/claim (tabellen niet toegankelijk). Open punten staan in Action 274 (datascraper) en 277 (Rabobank jaarverslag 2025, MDA eind 2025).

Groen gas uit mest (03-10-2026, ana:64)

Het groengasdossier staat in ana:64 (subject 138 Biogas, gekoppeld aan 131 Veeteelt, 22 Biomassa en 270 Nitraat en mest). Daar staan de kosten van het huidige beleid als referentie: SDE++ 2025 voor vergisting tot hernieuwbaar gas 602 mln (pol:235) en de bijmengverplichting groen gas, waarvan mest ca. 63% van de reductie levert (pol:236; meerkosten mestdeel 306/558/810 mln/jr vanaf 2031). Ongeveer de helft van het klimaatvoordeel van mestvergisting is vermeden methaan uit mestopslag; dat beleid geeft het mestvolume een verdienmodel en botst daarmee met krimp. Stop-policy 237 (geen nieuwe SDE++ en geen BMV-meetelling voor mest uit intensieve veehouderij) is hub van pakket groengas_mest_alternatief (package 3), met pol:199 uit deze analyse als bronmaatregel (geen nieuwe krimppolicy aangemaakt). pol:199 heeft nu effecten voor het rundvee-aandeel van 5/7,5/10% krimp: klimaat 20/107/224 mln/jr (pe 115) en NH3 88/213/391 mln/jr (pe 116); producentensurplus en frictie PM (pe 117, 118). Relaties: 199 overlapt 235 (mestbonus niet dubbel tellen), 239 versterkt 199.

Voedselzekerheid en voerconversie (07-10-2026)

Aanleiding: de Parool-opinie van Armanda Govers (src:1056; volledige tekst gelezen), die verwijst naar Lubach (src:1055, secundair). Wereldwijd gaat 39,7-40,6% van het graan naar veevoer (FAO 2022-2023, dp:986, src:1049; de '41%' klopt ongeveer) en 75-77% van de soja (dp:988, src:1050-1051; '80%' is iets te hoog). In Nederland is dat 73-75% van het binnenlandse graangebruik (dp:987).

Bruto conversie. Van 100 g voereiwit komt als eetbaar eiwit terug: ei 25 g, melk 24, kip 19,6, varken 8,5, overig vlees (schaap en geit, niet alleen lam) 6,3 en rund 3,8 (Alexander et al. 2016, Global Environmental Change, Tabel 1; dp:980-985, src:1047). Dat is een bruto maat: al het voereiwit telt mee, ook gras, gewasresten en bijproducten die mensen niet eten. Het verlies van 75-96% uit de opinie overschat daarom wat er aan voedsel voor mensen verloren gaat.

Conversie op mens-eetbaar eiwit (tegenargument). Volgens de FAO (Mottet et al. 2017, src:1048; volledige tekst gelezen) bestaat 86% van het mondiale veevoer (6 mld ton droge stof, 2010) uit materiaal dat mensen niet eten; granen zijn 13% van het rantsoen maar wel 32% van de mondiale graanproductie (dp:989). Per kg vlees zonder bot is 2,8 kg (herkauwers) tot 3,2 kg (varkens en pluimvee, legkippen niet meegerekend) mens-eetbaar voer nodig (dp:990). Op eiwitbasis vraagt 1 kg dierlijk eiwit bij herkauwers gemiddeld ca. 0,6 kg mens-eetbaar voereiwit (graasystemen 0,2-0,5, feedlots 3,5-4,1) en bij varkens en pluimvee ca. 2,0 kg (industrieel 2,9-5,2) (dp:991). Correctie na lezing van de volledige tekst: deze cijfers tellen sojaschroot niet mee als mens-eetbaar. Telt sojaschroot wel mee, omdat het de sojateelt drijft, dan wordt het 1,0 kg voor herkauwers (geen netto eiwitwinst meer) en 4,2 kg voor varkens en pluimvee; voor gemengde rundveehouderij in OECD-landen, het dichtst bij Nederland, 0,7 zonder en 1,2 met sojaschroot (dp:999). Herkauwers plus erfvarkens en erfkippen leveren zonder sojaschroot netto ca. 4 Mt eiwit per jaar op, met sojaschroot een tekort van ca. 11 Mt (dp:1000). Voor Nederland, met 1,45-1,55 Mt sojaschroot per jaar (dp:994), is de variant met sojaschroot de relevante. Van de 2,5 mld ha voor veevoer is 57% grasland dat niet geschikt is voor akkerbouw; daarnaast gaat ca. 560 mln ha akkerland, ongeveer 40% van het mondiale akkerland, naar voer (dp:1001). Kanttekeningen: dit zijn mondiale gemiddelden met veel extensieve begrazing, en ook voer dat mensen niet eten groeit deels op grond waar voedsel kan groeien (snijmais, voergraan). De stelling uit de opinie dat plantaardig voedsel en kweekvlees geen verliezen kennen, klopt niet.

Nederland. De Nederlandse veestapel draait niet alleen op gras en reststromen. Van de mengvoergrondstoffen komt 22,1-23,6% van buiten Europa (dp:992), van het totale rantsoen is 50,2-51,2% geimporteerd (dp:993) en jaarlijks gaat 1,45-1,55 Mt sojaschroot in diervoeder (dp:994; WUR, src:1052). In Nederland gaat 64% van de cultuurgrond naar gras en groenvoer (dp:547); daarbovenop is in het buitenland ca. 2,9 mln ha nodig voor geimporteerd veevoer (WKR 2024, dp:995, src:1053), en voor het hele Nederlandse voedselpakket 4,7 mln ha buitenland naast 1,6 mln ha in Nederland (dp:996). De opinie rekent hier iets te ruim: gras en groenvoer beslaan 1,15 mln ha, ongeveer een derde van het Nederlandse landoppervlak (ca. 3,4 mln ha) en geen 'bijna de helft'; dat klopt alleen voor alle cultuurgrond (1,79 mln ha, dp:521). Ook 'buiten Nederland een oppervlakte groter dan heel Nederland' voor veevoer klopt niet: 2,9 mln ha is kleiner; alleen het WUR-cijfer voor voedsel en veevoer samen (4,7 mln ha) is groter. Het calorieensaldo uit de opinie klopt: volgens dezelfde WUR-studie importeert Nederland 74 biljoen kcal aan voedsel en veevoer en exporteert het 25 biljoen kcal (src:1054). Met een meer plantaardig dieet kan dezelfde grond volgens een WUR-model 10-18 mln mensen extra voeden (dp:997, src:1054; prognose). Het voedselzekerheidsargument voor een kleinere veestapel rust dus vooral op deze afhankelijkheid van geimporteerd voer en buitenlandse grond, niet op de bruto conversiecijfers.

Koppeling met Deloitte (alternatief 3, eiwittransitie). In The Hidden Bill (src:81) dalen de maatschappelijke kosten met eiwittransitie (bovenop biologisch en slimme innovatie) met 58%, bij vrijwel gelijke toegevoegde waarde (13,2 tegenover 13,3 mld) en met 55% minder geimporteerd veevoer (dp:953; reeks dp:951-954). Dat sluit aan bij de WUR-cijfers hierboven. De bedragvelden van deze analyse zijn niet aangepast.

Policies. Er bestaat geen aparte policy voor eiwittransitie of afbouw van veevoerimport; verwant zijn pol:193, pol:195, pol:199 en pol:245. Een perverse prikkel bij veevoer is niet gevonden: het verlaagde btw-tarief op veevoer is per 1-1-2025 vervallen (src:1057), en het EU-nultarief op soja is EU-handelsbeleid. Een heffing op geimporteerd veevoer zou een bronmaatregel zijn, geen stopmaatregel. Daarom is geen nieuwe stop-policy vastgelegd.

Wat ontbreekt (na Action 268 en 276)

Gevonden in Action 268: gezondheid omwonenden en fijnstof (dp:556-559), exportverdiensten van zuivel, eieren en vlees (dp:561) en een proxy voor dierenwelzijn (dp:560). Nog open: uitgegeven fosfaatrechten melkvee (RVO; besluit over een informatieverzoek ligt bij Harmen, Action 270); een officiele monitor met kwantitatieve dierenwelzijnsindicatoren (alleen de keurmerkproxy); het aandeel van de veehouderij in de exportverdiensten (geen totaal uit dezelfde editie); monetarisering van de gezondheidsschade rond veehouderijen; compensatieraming en juridische toets van een generieke korting (pol:199; politieke en juridische beoordeling, Action 270); LAN-budget per sector; NL-envelop GLB na 2027; effect van het afschaffen van de regelingen op de veestapel (Actions 189/190); herstelkosten per gebied (Action 193); vergelijkende brede-welvaartsopbrengst per euro (bestaat niet officieel). Financiele schakel (Action 276): NL-effect van verliesdeling op rente en kredietverlening; bankaandeel in de landbouwschuld en restschulden (274); MDA en RWA Rabobank eind 2025 (277); indeling van een wettelijk opgelegde afschrijving zonder instemming van de bank onder de defaultdefinitie (EBA/ECB); omvang van het geldscheppingsvoordeel van NL-banken en opbrengst van de bankenbelasting.

S/C/E: E verhoogd van 7 naar 8 (28-09-2026). Motivering: de nieuwe gegevens tonen acute escalatie op korte termijn - fosfaatprognose 2026 boven het nationale plafond en het melkveeplafond (dp:541) met voorbereide afroming van varkensrechten, einde derogatie in 2026 met een gemodelleerd inkomensverlies van 27-51% voor melkveebedrijven (dp:544), en nitraat boven de norm zonder structurele verbetering sinds 2012 (dp:543). S (8) en C (8) ongewijzigd. Na Action 268 (28-09-2026) zijn S/C/E opnieuw beoordeeld en ongewijzigd: de gezondheidsgegevens (dp:556-559) onderbouwen S = 8, maar de omvang (landelijk ca. 841 extra longontstekingen, 19 opnamen en 8 doden per jaar) is geen reden voor een hogere schadescore; de exportverdiensten (dp:561) en de welzijnsproxy (dp:560) veranderen de complexiteit en het escalatierisico niet. Na Action 276 (28-09-2026) opnieuw ongewijzigd: de juridische, prudentiele en kredietgegevens betreffen de vormgeving van maatregelen, niet de schade, de complexiteit van het probleem of het escalatierisico.

Betrokken bestuurders

Maatregelen

Herkomst van de bedragen per maatregel

Herkomst van de bedragen

Brede welvaartseffecten per maatregel

Per maatregel het welvaartssaldo (vóór overlapcorrectie) en daaronder elke effectregel: bandbreedte, klasse, thema, rekenregel en bron. Overdrachten en begrotingsposten staan erbij, maar tellen niet in het welvaartssaldo.

PM-posten (nog niet becijferd)

Deze effecten hebben nog geen bedrag en tellen niet mee in de bedragen hierboven. Klik door naar de effectregel.

Bronnen bij deze analyse
  • Beoordeling van de effecten van financiele en fiscale rijksmiddelen op biodiversiteit (WSER-rapport 2026-011) + Kamerbrief Biodiversiteit (Kamerstuk 26 407, nr. 166)documentonlineWageningen Social & Economic Research, CE Delft, Naturalis i.o.v. LVVN; Kamerbrief minister van LVVN 21-05-2026 2026
  • Bijlagen bij de Miljoenennota 2027 (Kamerstuk 37 020, nr. 2): EMU-tabellen, fiscale regelingen, Aanvullende Post, KGG-mutaties, bijlage 13 Fossiele voordelendocumentonlineMinisterie van Financien 2026
  • Brief minister van LVVN aan de Eerste Kamer over CBS-monitor fosfaat- en stikstofexcretie, tweede kwartaal 2026 (33 037 / 36 618, BT)documentonlineMinister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (cijfers: CBS) 2026
  • Burgerlijk Wetboek Boek 3 (art. 1, 6) en Boek 2 Titel 9 (art. 362, 384, 415-416): vermogensrecht en jaarrekening bankendocumentonlineWetgever (wetten.overheid.nl) 2026
  • Final Report - Guidelines amending the Guidelines on the application of the definition of default under Article 178 CRR (EBA/GL/2026/05, 16-07-2026)documentonlineEuropean Banking Authority (EBA) 2026
  • Greenhouse gas emissions in the Netherlands 1990-2024. National Inventory Document 2026 (RIVM-rapport 2026-0022)documentonlineRIVM e.a. (Emissieregistratie; landbouw: WUR/NEMA) 2026
  • Het gebruik van antibiotica bij landbouwhuisdieren in 2025 (SDa-rapport met begeleidende brief)documentonlineAutoriteit Diergeneesmiddelen (SDa), expertpanel 2026
  • Kabinetsreactie op de reflectie van het PBL en de Landsadvocaat over de samenhangende aanpak voor landbouw, natuur en stikstof (11-09-2026)documentonlineMinister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (brief aan de Eerste Kamer, EK 36.800 XIV / 35.334, N) 2026
  • Kamerbrief evaluatie fiscale regelingen bos-, natuur- en cultuurgrond (SEO) en reactie motie Holman/Grinwis (Kamerstuk 36 812, nr. 124)documentonlineStaatssecretaris van Financien (Eerenberg), mede namens LVVN; evaluatie SEO Economisch Onderzoek 2026
  • Landelijke beeindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) - regelingspagina RVOdocumentonlineRijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) 2026
  • Landelijke beeindigingsregeling veehouderijlocaties met piekbelasting (Lbv-plus) - regelingspagina RVOdocumentonlineRijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) 2026
  • Lbv en Lbv-plus actueel - aanvragen, beslissingen en voorschotten (stand 10-09-2026)documentonlineRijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) 2026
  • Limited net-export capacity undermines the Netherlands' 'feeding the world' narrative (Nature Food, 15-6-2026)onlineB. van Selm, C.E. van Middelaar, O. van Hal, S.J. Oosting, R. Hijbeek, M.K. van Ittersum, I.J.M. de Boer (WUR) 2026
  • LUBACH over zorgen om de voedselzekerheid? (Diep Duik Donderdag, RTL, 10-9-2026)onlineArjen Lubach (RTL / Lubach) 2026
  • LVVN Attache Netwerk (LAN) - buitenlandnetwerk landbouwradendocumentonlineRVO / Ministerie van LVVN (Agroberichten Buitenland) 2026
  • Miljoenennota 2027, bijlage 4 Fiscale regelingen (tabel 4.3.2 budgettair belang 2022-2027; tabel 4.5.1 beleidsmaatregelen Belastingplan 2027)documentonlineMinisterie van Financien 2026
  • Nulmeting 'Naar een dierwaardige veehouderij': KPI's en keurmerken (27-02-2026, i.o.v. LVVN)documentonlineConnecting Agri & Food en Wageningen Social & Economic Research, in opdracht van ministerie van LVVN 2026
  • Opinie: 'Heeft hij onder een steen geleefd? Het is juist belangrijk dat we de veestapel verkleinen' (Het Parool)onlineArmanda Govers (opinie, Het Parool) 2026
  • Overzicht Financiele Stabiliteit - Voorjaar 2026documentonlineDe Nederlandsche Bank (DNB) 2026
  • PBL, Klimaatverandering in de prijzen in 2025. Analyse van de beprijzing van broeikasgasemissies in Nederland (15-09-2026, publicatie 6192)documentonlineCorjan Brink en Hendrik Vrijburg (PBL) 2026
  • Rabobank posts a net result of EUR 4,957 million in 2025 (persbericht jaarcijfers, 10-02-2026)documentonlineCooperatieve Rabobank U.A. 2026
  • Reflectie brede welvaart: Prinsjesdag 2026documentonlineCPB, SCP en PBL 2026
  • Reflectie CPB en PBL op Coalitieakkoord — stikstof 20 mld tot 2035onlinePBL / CPB 2026
  • Reflectie op 'Weer ruimte voor boer, natuur en bouw: maatregelpakket voor landbouw, natuur en stikstof' (PBL-publicatie 6203)documentonlinePBL (Boezeman, Schulte-Uebbing, Groten, Van Dijk, Vink, Van Wieringen) 2026
  • Share of cereals allocated to animal feed (FAO Food Balances, bewerking Our World in Data)onlineOur World in Data (H. Ritchie, P. Rosado, M. Roser) op basis van FAO Food Balance Sheets 2026
  • Sociaaleconomische effecten van stikstofbronmaatregelen en natuurmaatregelen (PBL-publicatie 5786, 12-03-2026)documentonlinePlanbureau voor de Leefomgeving (PBL) 2026
  • StatLine 80240ned: Varkens- en pluimveerechten; regiodocumentonlineCBS 2026
  • StatLine 80780ned: Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar regio (Landbouwtelling)documentonlineCBS 2026
  • StatLine 83982NED: Dierlijke mest; productie en mineralenuitscheiding, diercategorie, regiodocumentonlineCBS 2026
  • Statusrapport Nederlandse Biodiversiteit 2026 (tweede editie)documentonlineNaturalis Biodiversity Center (hoofdredactie M. Beukeboom, K. Biesmeijer, M. van de Kamp-Romijn, V. Merckx, W. Renema); CLO-gegevens gecontroleerd door CBS 2026
  • Waarde landbouwexport ruim 8 procent hoger in 2025 (CBS/WUR, i.o.v. LVVN) + De Nederlandse agrarische sector in internationaal verband, editie 2026documentonlineCBS en Wageningen Social & Economic Research 2026
  • Zeroing in on net-zero: The role of carbon dioxide removals and carbon sinks in EU member states' climate planningdocumentonlineCarbon Market Watch (Daniel Orth) 2026
  • Actualisering monetaire milieuschade (2022)onlinePlanbureau voor de Leefomgeving (PBL) 2025
  • Consequences of Debt Relief: Evidence from a Foreign Currency Loan Repayment Program (CEPR Discussion Paper DP20961, 22-12-2025)documentonlineGyongyi Loranth, Zsolt Olah, Ibolya Schindele 2025
  • De Verborgen Rekening van de Nederlandse Landbouw - Nederlandse samenvatting van The Hidden BilldocumentonlineRobin Food Coalition en Transitiecoalitie Voedsel (samenvatting van Deloitte-rapport) 2025
  • Deloitte: schade door landbouw miljarden groter dan opbrengstenonlineNRC 2025
  • EU-wide Transparency Exercise 2025 - Cooperatieve Rabobank U.A. (LEI DG3RU1DBUFHT4ZF9WN62)documentonlineEuropean Banking Authority (EBA) 2025
  • Gezondheidsrisico's rond veehouderijen 2025: deel II (Gezondheidsraad advies nr. 2025/20, 8-12-2025)documentonlineGezondheidsraad 2025
  • Interim Report 2025 (halfjaarcijfers per 30-06-2025)documentonlineCooperatieve Rabobank U.A. 2025
  • Kamerbrief Gezondheidsrisico's rond veehouderijen / VGO-III (Kamerstuk 28973 nr. 259, 10-02-2025)documentonlineMinister van VWS (Agema) en minister van LVVN (Wiersma) 2025
  • Landelijke beeindigingsregelingen veehouderij - Resultaten verantwoordingsonderzoek 2024 LVVN (21-05-2025)documentonlineAlgemene Rekenkamer 2025
  • Netherlands Roadmap on carbon dioxide removals (Routekaart Koolstofverwijdering / CO2-verwijdering), maart 2025documentonlineRijksoverheid (kabinet) 2025
  • Staat van Zoonosen 2024 (hoofdstuk 2 Trends)documentonlineRIVM, in opdracht van de NVWA (gepubliceerd op onehealth.nl) 2025
  • The Hidden Bill: Reshaping Dutch Agriculture - An analysis of the societal costs of Dutch agriculture today versus alternative systemsdocumentonlineDeloitte Nederland (T. Scheele, F. Klaver) i.o.v. Robin Food Coalition en Transitiecoalitie Voedsel 2025
  • The next chapter for the CAP - Commissievoorstel GLB na 2027 (COM(2025) 560), 17-07-2025documentonlineEuropese Commissie, DG Landbouw en Plattelandsontwikkeling 2025
  • Vaststelling begrotingsstaat Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV) 2026 - memorie van toelichting (Kamerstuk 36 800 XIV, nr. 2)documentonlineMinisterie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur 2025
  • Veehouderij en Gezondheid Omwonenden III (VGO-III): actualisatie epidemiologie 2014-2019 en longontstekingen rond geitenhouderijen 2018-2024 (RIVM-rapport 2024-0167)documentonlineRIVM (Van der Giessen e.a.; met UU, WUR, Nivel, UMCU) 2025
  • Feiten en cijfers over de Nederlandse land- en tuinbouw (achtergronddocument bij het briefadvies 'Boeren in een veranderd klimaat')documentonlineWetenschappelijke Klimaatraad (WKR) 2024
  • Kamerbrief Toezegging staatssteunregels overnemen schulden en gedeeltelijke beeindiging (26-04-2024, WJZ/52824117)documentonlineMinister voor Natuur en Stikstof (Van der Wal-Zeggelink) 2024
  • Landbouwpraktijk en waterkwaliteit in Nederland; toestand (2020-2023) en trend (1992-2023). Nitraatrapportage 2024 (RIVM-rapport 2024-0113)documentonlineRIVM (Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid) e.a. 2024
  • Staatscourant 2024, 41782 - wijziging toelichting Tabel I Wet OB 1968: afschaffing o.a. post a 44 (stro en veevoeders) per 1-1-2025onlineStaatssecretaris van Financien 2024
  • Verlies van derogatie en mestafzetkosten melkveehouderij (notitie Wageningen Economic Research, Kamerstukbijlage 2024D16590)documentonlineWageningen Economic Research (Jongeneel, Van Asseldonk, Vissers, Helming, Greijdanus, Jager, Daatselaar), i.o.v. LNV 2024
  • Vreemd vermogen landbouwbedrijven afgenomen, vooral in de glastuinbouw (CBS-nieuws 28-11-2024)documentonlineCentraal Bureau voor de Statistiek (CBS) 2024
  • Wet bankenbelasting (BWBR0031796), geldend vanaf 01-01-2024documentonlineWetgever (wetten.overheid.nl) 2024
  • Afschaffing fossiele energiesubsidies: eerder een hersenkraker dan een no-braineronlineCorjan Brink (PBL), Arjan Trinks (CPB), Herman Vollebergh (PBL), Peter Zwaneveld (CPB) 2023
  • Antwoord op Kamervragen over een niet-vrijblijvende bijdrage van banken aan de stikstofopgave (Aanhangsel Handelingen TK 2022-2023, nr. 3164)documentonlineMinister van Financien 2023
  • Evaluatie Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv)documentonlineCE Delft en TAUW, in opdracht van het ministerie van LNV 2023
  • Monitor herkomst diervoedergrondstoffen - opzet, uitkomsten en beperkingen voor mengvoer in Nederland in 2019 en 2020 (rapport 1404)documentonlineM. Veraart, P. Bikker, H. van Laar (Wageningen Livestock Research) i.o.v. LNV 2023
  • Caution: do not cross! Capital buffers and lending in Covid-19 times (ECB Working Paper Series No 2644, februari 2022)documentonlineCyril Couaillier, Marco Lo Duca, Alessio Reghezza, Costanza Rodriguez d'Acri (ECB) 2022
  • IPCC AR6 WGIII (2022) Climate Change 2022: Mitigation of Climate Change - Hoofdstuk 12 (Cross sectoral perspectives) en Summary for PolicymakersdocumentonlineIPCC Working Group III (hfst. 12: Babiker e.a.) 2022
  • Maatschappelijke kosten-batenanalyse en brede welvaart: een aanvulling op de Algemene MKBA-leidraad (CPB-PBL-notitie, juni 2022)documentonlineCPB en PBL 2022
  • Drivers of deforestation (sectie soja: 77% van de mondiale soja gaat naar veevoer)onlineHannah Ritchie (Our World in Data), data FCRN/Univ. of Oxford, FAO en USDA PSD 2021
  • The Effect of Principal Reduction on Household Distress: Evidence from Mortgage Cramdown (NBER WP 28900; gepubliceerd Review of Financial Studies 39(2), 2026, 518-561)documentonlineJacelly Cespedes, Carlos Parra, Clemens Sialm (gepubliceerde versie met Manju Puri) 2021
  • CBb 25-02-2020, ECLI:NL:CBB:2020:114 (fosfaatrechten, overzicht fair-balance-toets)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2020
  • Kamerstukken II 2019/20, 35 334, nr. 44 - Brief over o.a. de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (07-02-2020)documentonlineMinister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Tweede Kamer der Staten-Generaal) 2020
  • CBb 10-09-2019, ECLI:NL:CBB:2019:413 (fosfaatrechten, investeringen na 2 juli 2015)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2019
  • CBb 13-08-2019, ECLI:NL:CBB:2019:341 (fosfaatrechten, wel individuele en buitensporige last)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2019
  • CBb 23-07-2019, ECLI:NL:CBB:2019:291 (fosfaatrechten, toetsingskader individuele en buitensporige last)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2019
  • CBb 30-07-2019, ECLI:NL:CBB:2019:325 (fosfaatrechten, ondernemersrisico)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2019
  • Geld en schuld. De publieke rol van banken (WRR-rapport 100, 17-01-2019)documentonlineWetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) 2019
  • Kabinetsreactie op WRR-rapport 'Geld en schuld: De publieke rol van banken' en initiatiefnota Alkaya (Kamerstuk 35 107, nr. 3, 11-06-2019)documentonlineMinister van Financien (W.B. Hoekstra) 2019
  • Bundesratsbeschluss ueber das Ergebnis der Volksabstimmung vom 10. Juni 2018 (Vollgeld-Initiative), BBl 2018 7755documentonlineSchweizerischer Bundesrat 2018
  • CBb 17-10-2018, ECLI:NL:CBB:2018:522 en ECLI:NL:CBB:2018:523 (fosfaatrechtenstelsel, generieke korting)documentonlineCollege van Beroep voor het bedrijfsleven 2018
  • Merkantil Car Zrt. e.a. t. Hongarije, EHRM (beslissing) 20-12-2018, nr. 22853/15 e.a. (persbericht ECHR 441 (2018))documentonlineEuropees Hof voor de Rechten van de Mens (Griffier) 2018
  • Monetaire milieuschade in NederlanddocumentonlinePBL 2018
  • Gerechtshof Den Haag 31-10-2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3067 (fosfaatreductieplan 2017)documentonlineGerechtshof Den Haag 2017
  • Kamerstukken II 2016/17, 34 532, nr. 100 - Brief over de generieke korting fosfaatrechten (12-07-2017)documentonlineStaatssecretaris van Economische Zaken (Tweede Kamer der Staten-Generaal) 2017
  • Livestock: On our plates or eating at our table? A new analysis of the feed/food debate (Global Food Security 14, 1-8)onlineA. Mottet, C. de Haan, A. Falcucci, G. Tempio, C. Opio, P. Gerber (FAO) 2017
  • Burgerinitiatief Ons Geld (Kamerstuk 34 346): dossier Tweede Kamer, plenair debat 16-03-2016 en motiesdocumentonlineTweede Kamer der Staten-Generaal 2016
  • Guidelines on the application of the definition of default under Article 178 of Regulation (EU) No 575/2013 (EBA/GL/2016/07)documentonlineEuropean Banking Authority (EBA) 2016
  • Human appropriation of land for food: the role of diet (Global Environmental Change 41, 88-98)documentonlineP. Alexander, C. Brown, A. Arneth, J. Finnigan, M.D.A. Rounsevell (Univ. of Edinburgh e.a.) 2016
  • IFRS 9 Financiele instrumenten, zoals goedgekeurd bij Verordening (EU) 2016/2067 van de Commissie (22-11-2016)documentonlineEuropese Commissie (standaard: IASB) 2016
  • Kamerstukken II 2016/17, 34 532, nr. 3 - Memorie van toelichting Wijziging Meststoffenwet (invoering stelsel van fosfaatrechten)documentonlineStaatssecretaris van Economische Zaken (Tweede Kamer der Staten-Generaal) 2016
  • Mamatas e.a. t. Griekenland, EHRM 21-07-2016, nrs. 63066/14, 64297/14, 66106/14 (persbericht ECHR 256 (2016))documentonlineEuropees Hof voor de Rechten van de Mens (Griffier) 2016
  • Bankruptcy Law and the Cost of Credit: The Impact of Cramdown on Mortgage Interest Rates (Journal of Law and Economics 57(1), 2014)documentonlineJoshua Goodman, Adam J. Levitin 2014
  • Money creation in the modern economy (Quarterly Bulletin 2014 Q1, p. 14-27)documentonlineMcLeay, M., Radia, A. & Thomas, R. (Bank of England) 2014
  • The Growth of Soy: Impacts and SolutionsdocumentonlineWWF International 2014
  • EHRM 30-04-2013, Lohuis e.a. t. Nederland, nr. 37265/10 (beslissing, niet-ontvankelijk)documentonlineEuropees Hof voor de Rechten van de Mens (Derde Sectie) 2013
  • Verordening (EU) nr. 575/2013 (CRR), art. 178 (default), art. 47a-47c en 469a (NPL-backstop, ingevoegd bij Vo. (EU) 2019/630)documentonlineEuropees Parlement en Raad van de EU 2013
  • An assessment of the long-term economic impact of stronger capital and liquidity requirements / Assessing the macroeconomic impact of the transition (MAG interim report), persbericht 18-08-2010documentonlineBasel Committee on Banking Supervision (BIS) en FSB-BCBS Macroeconomic Assessment Group 2010
  • Hoge Raad 16-11-2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5493 (NVV c.s./Staat, Wet herstructurering varkenshouderij)documentonlineHoge Raad der Nederlanden 2001
  • HvJ EG 24-03-1994, zaak C-2/92, Bostock (ECLI:EU:C:1994:116)documentonlineHof van Justitie van de Europese Gemeenschappen 1994
  • EVRM Eerste Protocol, artikel 1 (bescherming van eigendom), Parijs 20-03-1952documentonlineRaad van Europa; Nederlandse tekst via wetten.overheid.nl (BWBV0001001) 1952
Datapunten bij deze analyse
  • 1451 hectare per boerderij Herenboeren: cooperatieve boerderij van 15 tot 20 ha voor 200 tot 270 huishoudensbron
  • 1284 aantal Claim SOMO: Nederland heeft meer dan 70 investeringsverdragen met ISDS; klacht bij de Europese Commissie baseert zich op 70 BITs gesloten voor 01-12-2009bron
  • 581 % NPV-verlies (defaultdrempel) Kwijtschelding of herstructurering met meer dan 1% verlies aan contante waarde (lener in moeilijkheden) telt als defaultbron
  • 1630 mln euro per jaar Ontvangsten mestbeleid Hfdst XIV LVVN art. 21, ontwerpbegroting 2027: 2,2 mln eurobron
  • 1629 mln euro per jaar Uitgaven mestbeleid Hfdst XIV LVVN art. 21, ontwerpbegroting 2027: 86,9 mln eurobron
  • 570 aantal aanvragen (min = Lbv, max = Lbv-plus) Lbv/Lbv-plus stand 10-9-2026: 1.576 aanvragen (Lbv 666, Lbv-plus 910); 1.438 toegekend, 914 overeenkomstenbron
  • 443 % NH3-reductie t.o.v. 2019 NH3-reductie landbouw 2035 met stikstofpakket: ca. 40% t.o.v. 2019 (doel 42-46%)bron
  • 448 % stikstofgevoelige natuur onder KDW Stikstofgevoelige natuur onder KDW: 30% (2023) naar 43% (2035) met pakket; Omgevingswetdoel 74%bron
  • 614 Mt CO2-eq/jr (vastleggingsdoel 2030) Doel Bosstrategie: extra 0,4-0,8 Mt CO2-eq vastlegging in 2030 via bebossing, herstel en agroforestry (CMW 2026)bron
  • 613 Mt CO2-eq/jr (vastleggingsdoel 2030) Doel Nationaal Programma Landbouwbodems: 0,5 Mt CO2-eq vastlegging per jaar in landbouwbodems in 2030 (CMW 2026)bron
  • 612 Mt CO2-eq/jr (reductiedoel 2030) Doel veenweide: -1 Mt CO2-eq emissie uit gedraineerd veen in 2030 (regionale veenweideaanpak, CMW 2026)bron
  • 611 Mt CO2-eq/jr (LULUCF-doel 2030, netto) EU-LULUCF-doel NL 2030: netto 4,9 Mt CO2-eq (-0,435 Mt t.o.v. 2016-2018; CMW 2026); routekaart noemt 4,5 Mtbron
  • 610 Mt CO2-eq/jr (LULUCF netto, projectie 2030) Projectie LULUCF NL: 2,5-3,7 Mt in 2030, ca. 2,9 Mt in 2040, ca. 2,7 Mt in 2050; netto bron tot 2050 (CMW 2026)bron
  • 541 mln kg fosfaat (plafond - prognose 2026) Fosfaatexcretie melkvee 2026 (prognose Q2): 72,4 mln kg tegenover sectorplafond 71,8 mln kgbron
  • 1448 euro per ha per jaar Maximale pachtprijs los bouw- en grasland 2026: 681 tot 1.904 euro per ha per jaarbron
  • 43 % verandering sinds 2010 Living Planet Index vennen en hoogvenenbron
  • 42 % verandering sinds 1990 Living Planet Index zoetwaterdierenbron
  • 1444 hectare Vezelhennep: 2.808 ha in 2025, 3.530 ha in 2026 voorlopig; bruto opbrengst 8,3 ton per ha in 2025bron
  • 1443 hectare Vezelvlas: 2.364 ha in 2023, 4.077 ha in 2026 voorlopig; bruto opbrengst 5,2 ton per ha in 2025bron
  • 18 Currency Maatschappelijke kosten schuldenproblematiek (totaal)bron
  • 1447 euro per ha Agrarische grondprijs 2025: gemiddeld 95.400 euro per ha; bouwland 106.700, grasland 86.400bron
  • 545 kg actieve stof verkocht (2025) Antibioticaverkoop landbouwhuisdieren 2025: 112.876 kg (-6,9% t.o.v. 2024; -77,2% t.o.v. 2009)bron
  • 524 EUR (externe kosten niet beprijsd) Beprijzingstekort landbouw: EUR 4,2 mld (MN2027 bijlage 13, externe kostenbenadering)bron
  • 575 % CET1 van RWA (stress - gemiddeld) CET1-ratio NL-banken gemiddeld bijna 17,8%; in DNB-stresstest ca. 2 pp lager (15,7%), nog boven de eisenbron
  • 519 mln kg stikstof (N) in mest Dierlijke mest 2025: 74,1 mld kg; N-uitscheiding 439,6 mln kg; fosfaat 141,5 mln kg; NH3 stal/opslag 40,6 mln kg Nbron
  • 1469 index (2007=100) Intrinsieke waarde, stedelijk gebied: index 83 vogelsoorten 84 in 2025 (2007=100)bron
  • 1449 hectare Land van Ons: 400 ha in burgerbezit eind 2025; in 2025 53,3 ha gekocht voor gemiddeld 95.910 euro per habron
  • 1112 EUR per ton CO2-eq Landbouw 2025: 24,6 Mt CO2-eq, gemiddeld ca. 23 EUR/t beprijsd; methaan en lachgas (ca. driekwart) zonder directe prijs; luchtschade ca. 290 EUR/tbron
  • 520 EUR (exportwaarde) Landbouwexport 2025: EUR 137,5 mld (NL makelij 88,4); zuivel en eieren 13,3 mld, vlees 12,1 mldbron
  • 1111 EUR per ton CO2-eq (luchtschade) Schade luchtverontreiniging per ton CO2-eq: gemiddeld ca. 100 EUR naast 187 klimaatschade; landbouw ca. 290, mobiliteit ca. 175, biomassa ca. 60, industrie ca. 50, elektriciteit en gebouwd ca. 15bron
  • 583 % huishoudkrediet (relatief effect) Na ongefinancierde schuldverlichting (Hongarije 2011) daalde huishoudkrediet bij getroffen banken met 16-22%bron
  • 556 extra longontstekingen per jaar (landelijk) Extra longontstekingen door wonen <1 km van geitenhouderij: gem. 841 per jaar (207-1.815); ca. 19 opnamen, 8 doden (GR 2025)bron
  • 559 % bijdrage landbouw aan fijnstof uit NL-bronnen Fijnstof: landbouw levert 25-30% van de concentratie uit NL-bronnen, veehouderij 90% daarvan (GR 2025)bron
  • 951 EUR mld/jr netto (TW - maatschappelijke kosten) Deloitte alternatief 1 (100% biologisch): maatschappelijke kosten 11,0 mld (-41%), TW 10,0 mld, netto -1,0 mld/jrbron
  • 952 EUR mld/jr netto (TW - maatschappelijke kosten) Deloitte alternatief 2 (biologisch + slimme innovatie): maatschappelijke kosten 9,0 mld (-52%), TW 11,7 mld, netto +2,7 mld/jrbron
  • 953 EUR mld/jr netto (TW - maatschappelijke kosten) Deloitte alternatief 3 (1+2 + eiwittransitie 70% plantaardig): maatschappelijke kosten 7,9 mld (-58%), TW 13,2 mld, netto +5,3 mld/jrbron
  • 954 EUR mld/jr netto (TW - maatschappelijke kosten) Deloitte scenario 4 (1-3 + areaal -47% binnen planetaire grenzen): maatschappelijke kosten 3,9 mld (-79%), TW 9,2 mld, netto +5,3 mld/jrbron
  • 571 % doorgehaalde rechten (pluimvee Lbv - Lbv-plus) Lbv/Lbv-plus doorgehaalde rechten: varkens 8% resp. 9,2%; pluimvee 1,3% resp. 9,8%; fosfaat ruim 1,6% (Lbv-plus)bron
  • 572 aantal bedrijven (beeindigd - max verwacht) Lbv/Lbv-plus: 612 bedrijven daadwerkelijk beeindigd per 1-10-2025 (PBL verwacht 700-1.100 deelnemers)bron
  • 576 % CET1 van RWA (MDA-trigger - actueel) Rabobank: CET1 19,88% tegenover MDA-trigger 11,1% (30-06-2025): ruimte 8,78 procentpunt van RWAbron
  • 521 ha cultuurgrond Cultuurgrond NL 2025: ca. 1,79 mln ha; 49.077 landbouwbedrijven (2000: 1,98 mln ha; 97.389)bron
  • 517 aantal dieren Geiten NL 2025: 628.018 (2000: 178.571, ruim 3,5x); schapen 676.021bron
  • 547 % van cultuurgrond (2025) Grasland en groenvoedergewassen 2025: 1,15 mln ha = 64,0% van de cultuurgrond (CBS)bron
  • 516 aantal dieren Kippen NL 2025: 87,7 mln (vleeskuikens 38,7 mln; leghennen 40,1 mln)bron
  • 514 aantal dieren Rundvee NL 2025: 3,64 mln (melk- en kalfkoeien 1,53 mln; vleeskalveren 0,96 mln)bron
  • 515 aantal dieren Varkens NL 2025: 9,77 mln (2026 voorlopig 9,25 mln; 2019: 12,27 mln)bron
  • 615 Mt CO2-eq/jr (restemissies 2050) Restemissies NL 2050: 12-17 Mt CO2-eq, vooral methaan en lachgas uit landbouw en landgebruik (PBL Trajectverkenning, via routekaart)bron
  • 1446 euro per ha per jaar GLB-ecoregeling vezelvlas: 720 euro per ha in regio 1 en 390 euro per ha in regio 2, overdracht en geen welvaartswaardebron
  • 557 extra longontstekingen per jaar (binnen 2 km) Kamerbrief VGO-III: 1.200-6.600 extra longontstekingen per jaar binnen 2 km van geitenhouderijen; 100-600 opnamen, 20-100 dodenbron
  • 1123 procent afname sinds 1992 Bestuivers: graslandvlinders (indicator voor alle bestuivers) zijn sinds 1992 met twee derde afgenomen; ca. 90% van wilde planten en 75% van voedselgewassen hangt van bestuiving afbron
  • 1125 procent soorten op Rode Lijst Bijen: 55% van de ca. 350 wilde bijensoorten op de Rode Lijst (14% verdwenen); zweefvliegen: 46% van 317 soorten bedreigd of verdwenen; Veluwe 80% minder zweefvliegenbron
  • 548 Mt CO2-eq (pens+mest - landbouw totaal) Broeikasgasemissie landbouw 2024: 17,7 Mt CO2-eq (12,3% van NL); pens + mest 13,6 Mtbron
  • 518 duizend dierrechten-eenheden (VE resp. PE) Dierrechten 2024: varkensrechten 7,62 mln VE (56,4 mln kg fosfaat); pluimveerechten 65,3 mln PE (32,7 mln kg fosfaat)bron
  • 561 EUR exportverdiensten (toegevoegde waarde, 2024) Exportverdiensten 2024: zuivel en eieren 5,6 mld, vlees 4,5 mld euro (samen 10,1 mld, eigen optelling); sierteelt 6,6 mldbron
  • 1121 aantal habitattypen in goede staat (van 52) Habitattypen: slechts 6 van 52 bedreigde habitattypen in goede staat; van 46 slechte typen verbeterden er 3 en verslechterden er 28 (2019-2024)bron
  • 1128 aantal broedvogelsoorten in afname (van 190) Intensieve landbouw en verlies van leefgebied zijn de grootste stressfactoren; afname 1990-2023 bij 14 van 81 habitatrichtlijnsoorten, 48 van 190 broedvogels en 21 van 81 niet-broedvogelsbron
  • 1454 index (1990=100) Intrinsieke waarde, agrarisch gebied: fauna-index kenmerkende soorten 50 in 2024 (1990=100), halvering sinds 1990bron
  • 1467 index (1990=100) Intrinsieke waarde, beken en rivieren: fauna-index 141 in 2024 (1990=100), dalend sinds 2015bron
  • 1465 index (1990=100) Intrinsieke waarde, bos: fauna-index kenmerkende bossoorten 91 in 2024 (1990=100), stijgend sinds 2001bron
  • 1458 index (1990=100) Intrinsieke waarde, open natuur (heide, hoogveen, duin, extensief grasland): fauna-index 37 in 2024 (1990=100)bron
  • 1466 index (1990=100) Intrinsieke waarde, plassen en moerassen: fauna-index 129 in 2024 (1990=100)bron
  • 573 % doelgroep dat aanvroeg (Lbv - Lbv-plus) Lbv: 8% van de doelgroep vroeg aan (666 van ca. 8.000); Lbv-plus ca. 33% (921 van ca. 2.800); Lbv-plus 5x doelmatigerbron
  • 1122 index (1990=100) Living Planet Index NL (land en zoetwater) staat in 2024 op het niveau van 1990: zoetwater en moeras stijgen, landfauna daalt; laatste 12 jaar stabielbron
  • 1470 index (1995=100) Rode Lijst Indicator NL (mate van bedreiging) 94,0 in 2024 (1995=100); aantal soorten op Rode Lijst 101bron
  • 1118 procent soorten bedreigd of verdwenen Rode Lijsten NL: 45% van 7.954 beoordeelde soorten is bedreigd (39%, 3.100) of verdwenen (6%, 462); wereldwijd ca. 28%bron
  • 1450 hectare Staatsbosbeheer verpacht 40.194 ha natuurgrond aan ruim 3.000 boeren; natuurinclusieve pachters krijgen korting en twaalfjarige contractenbron
  • 560 % dieren onder Beter Leven-keurmerk (2024) Welzijnskeurmerken 2024: Beter Leven 1 ster 26% vleeskuikens, 23% varkens, 10% leghennen; melkkoeien op BLk-bedrijf ca. 0,25%bron
  • 546 aantal (Q-koortspatienten - vogelgriepbedrijven) Zoonosen 2024: 4 patienten acute Q-koorts; 2 H5N1-uitbraken op pluimveebedrijven, 0 mensen besmetbron
  • 1441 MWp per ha Agri-PV: 0,4 tot 0,8 MWp per ha bij gewasteelt tegen meer dan 1,5 MWp per ha voor een regulier zonneparkbron
  • 544 % inkomensverlies melkveebedrijf (2026) Einde derogatie 2026: inkomensverlies melkveebedrijven ca. 27-51% (WEcR, bij 20-35 euro/m3 mest)bron
  • 1283 aantal Aantal Nederlandse bilaterale investeringsbeschermingsovereenkomsten van kracht: 67 BITs, 76 inclusief 9 oude samenwerkingsovereenkomsten met investeringsbeschermingbron
  • 1285 aantal Aantal Nederlandse intra-EU-BITs buiten werking, 2019-2022: 12bron
  • 421 kg N per ha cultuurgrond Stikstofoverschot per hectare cultuurgrond, Nederlandbron
  • 419 index (1990=100) Trend fauna van het land (index 1990=100), Nederlandbron
  • 995 mln ha landbouwgrond buiten NL voor veevoer Buiten NL ca. 2,9 mln ha in gebruik voor geimporteerd veevoer (1,6x het NL-landbouwareaal; WKR 2024 via Urgenda)bron
  • 1426 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: agrarisch grasland levert circa 1.160 euro per ha per jaar aan ecosysteemdienstenbron
  • 1429 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: bos levert circa 9.590 euro per ha per jaar aan ecosysteemdienstenbron
  • 1427 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: eenjarig akker- en tuinbouwgebied levert circa 1.240 euro per ha per jaar aan ecosysteemdienstenbron
  • 1434 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: gemiddelde ecosysteemdiensten Nederland circa 2.770 euro per ha per jaarbron
  • 1430 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: moeras- en veengebied levert circa 8.540 euro per ha per jaar aan ecosysteemdienstenbron
  • 1428 euro per ha per jaar CBS natuurlijk kapitaal 2023: natuurlijk en semi-natuurlijk grasland levert circa 8.470 euro per ha per jaar aan ecosysteemdienstenbron
  • 987 % van binnenlands graangebruik naar veevoer Nederland: 72,9% (2023) en 75,3% (2022) van het binnenlands graangebruik gaat naar veevoer (FAO, bewerking OWID)bron
  • 543 mg nitraat per liter (Zand - Loss) Nitraat in uitspoelingswater landbouw 2020-2023: Zand 65,5 en Loss 83,5 mg/l (norm 50)bron
  • 986 % van binnenlands graangebruik naar veevoer Wereld: 40,6% (2022) en 39,7% (2023) van het graan gaat naar veevoer (FAO, bewerking OWID)bron
  • 1445 hectare Kabinetsdoel 2030: teelt van vezelgewassen voor bouwmaterialen van circa 2.000 naar 50.000 habron
  • 1442 land equivalent ratio Agri-PV: land equivalent ratio 1,56 tot 1,87 gemeten in Zuid-Duitsland; WUR-illustratie 1,6bron
  • 1439 ton CO2 per ha per jaar Voedselbos: netto koolstofopslag minimaal 6 ton CO2 per ha per jaar, 180 tot 550 ton per ha na 30 jaarbron
  • 1440 euro per ha per jaar Voedselbos: netto saldo 3.500 euro per ha per jaar uit voedselverkoop, 12 jaar na aanplant, een enkel voedselbosbron
  • 429 % stikstofgevoelige natuur onder norm Aandeel stikstofgevoelige natuur dat voldoet aan wettelijke norm, Nederlandbron
  • 418 % van landnatuur Stikstofdepositie en landnatuurbron
  • 44 Rangorde (18=laagste van 18) Stikstofoverschot (CBS Monitor Brede Welvaart, EU-vergelijking)bron
  • 579 % vreemd vermogen (graasdier - hokdier) Aandeel vreemd vermogen in balanstotaal 2022: graasdierbedrijven ca. 37%, hokdierbedrijven 52%bron
  • 947 EUR mld/jr maatschappelijke kosten (afgeleid) Afgeleid: aandeel veehouderij in Deloitte-maatschappelijke kosten ca. EUR 13,5-14,0 mld/jr (ca. 74% van 18,6)bron
  • 1422 hectare Agrarisch grasland Nederland 2022 volgens bodemgebruik: 949.080 ha, 28,2 procent van de landoppervlaktebron
  • 1420 hectare Agrarisch terrein Nederland 2022: 2.159.516 ha, 52 procent van land en waterbron
  • 1421 procent van landoppervlakte Agrarisch terrein Nederland 2022: 64,2 procent van de landoppervlaktebron
  • 941 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten ammoniak (luchtvervuiling) landbouw EUR 5,85 mld/jrbron
  • 944 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten fijnstof (PM10/PM2,5) landbouw EUR 0,48 mld/jrbron
  • 946 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten fosfor (zoetwatereutrofiering) EUR 0,11 mld/jr en waterverbruik ca. EUR 0,1 mld/jrbron
  • 940 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten klimaat (broeikasgassen) landbouw EUR 7,87 mld/jrbron
  • 943 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten landgebruik/biodiversiteitsverlies landbouw EUR 2,46 mld/jrbron
  • 88 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten Nederlandse landbouw EUR 18,6 mld/jr (totaal, milieukosten; niet pesticide-specifiek)bron
  • 945 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten pesticiden (gezondheid) NL EUR 0,44 mld/jr (indicatief)bron
  • 942 EUR mld/jr maatschappelijke kosten Deloitte: maatschappelijke kosten stikstof naar water (eutrofiering) landbouw EUR 1,30 mld/jrbron
  • 939 EUR mld/jr netto (TW - maatschappelijke kosten) Deloitte: netto impact NL landbouw -EUR 5,3 mld/jr (TW 13,3 minus maatschappelijke kosten 18,6)bron
  • 938 EUR mld/jr toegevoegde waarde Deloitte: toegevoegde waarde primaire landbouw NL EUR 13,3 mld/jr (1,4% bbp)bron
  • 948 EUR per t CO2-eq Deloitte-methode: CO2-prijs EUR 0,14/kg CO2-eq (= EUR 140/t, prijspeil 2023, CE Delft Handboek milieuprijzen 2023)bron
  • 949 EUR per kg (NH3; N-eq) Deloitte-methode: schaduwprijs ammoniak EUR 53,16/kg NH3 en stikstof naar water EUR 15,37/kg N-eq (EUR2023, CE Delft 2023)bron
  • 950 EUR per ha per jaar Deloitte-methode: schaduwprijs landgebruik/biodiversiteit EUR 729-1.640 per ha per jaar (True Price 2021, naar EUR2023)bron
  • 1468 EKR (0-1, natuurlijk=1) Intrinsieke waarde, zoet oppervlaktewater: ecologische kwaliteitsratio 0,40 in 2022 (natuurlijke referentie=1)bron
  • 609 Mt CO2-eq/jr (LULUCF netto) LULUCF-netto-emissie NL ca. 5,1 Mt CO2-eq in 2022 (1990: 5,1 Mt); sector is netto bron (CMW 2026)bron
  • 1435 euro per ha per jaar Maatschappelijke kosten huidige landbouw circa 10.300 euro per ha per jaar, afgeleid uit Deloitte 2025bron
  • 1436 euro per ha per jaar Maatschappelijke kosten landbouw bij 100 procent biologisch circa 6.100 euro per ha per jaar, afgeleid uit Deloitte 2025bron
  • 111 EUR/jaar maatschappelijk Monetaire milieuschade Nederland 2022 (PBL)bron
  • 1425 hectare Natuurlijk terrein Nederland 2022: 548.689 ha, 16,3 procent van de landoppervlaktebron
  • 1423 procent van land en water Woonterrein Nederland 2022: 258.068 ha, 6,2 procent van land en waterbron
  • 1497 cm onder maaiveld Water en bodem sturend: in laagveengebieden toe naar een grondwaterstand van 20 tot 40 cm onder maaiveld; landbouw goed mogelijk bij 40 cm, Rli noemt 20 cm optimaal voor broeikasgassenbron
  • 569 % varkensrechten doorgehaald (nationaal-concentr.) Srv (vrijwillige sanering): 580.593 varkensrechten doorgehaald = 7% (8% in concentratiegebieden), 277 deelnemersbron
  • 582 % kredietverlening NFC (relatief effect) Banken dicht bij de MDA-grens verminderden kredietverlening aan bedrijven met circa 3,5% (eurogebied, Covid-19)bron
  • 1473 aantal soorten per voedselbos Intrinsieke waarde, voedselbos: gemiddeld 27 vogelsoorten per voedselbos (20 bossen, broedseizoen 2021)bron
  • 1472 aantal soorten per voedselbos Intrinsieke waarde, voedselbos: gemiddeld 22 houtige en 17 kruidachtige plantensoorten per voedselbos (21 bossen, 2020)bron
  • 992 % mengvoergrondstoffen van buiten Europa NL mengvoergrondstoffen 2020: 9,4% Nederlands, 68,6% uit geografisch Europa, 22,1% van buiten Europa (2019: 10,4/65,9/23,6)bron
  • 994 Mt sojaschroot per jaar NL sojaschroot in diervoeder ca. 1,45 Mt (2020) tot 1,55 Mt (2019), voor 98% van buiten Europabron
  • 993 % totaal rantsoen geimporteerd (EU + niet-EU) NL totaal rantsoen (incl. ruwvoer en natte bijproducten) 2020: 48,8% Nederlands, 39,3% Europa, 11,9% buiten Europabron
  • 1129 mln EUR per jaar Subsidie agrarisch weidevogelbeheer steeg van 4,2 mln EUR (2001) naar 33,4 mln EUR (2020), terwijl de broedende gruttoparen halveerden van ca. 60.000 naar 30.000bron
  • 997 mln extra mensen te voeden (model) WUR 2026: met Schijf van Vijf, vegan of LEAN-dieet kan NL van eigen grond theoretisch 10-18 mln extra mensen voedenbron
  • 996 mln ha landbouwgrond WUR 2026: NL-voedselsysteem gebruikt 1,6 mln ha in NL en ca. 4,7 mln ha landbouwgrond in het buitenland, vooral voor veevoerbron
  • 1438 euro per ha per jaar Meerkosten biodiversiteitsmaatregelen: melkvee 417 euro per ha per jaar, akkerbouw 185 tot 324 euro per habron
  • 1471 procent verschil soortenrijkdom Intrinsieke waarde, biologisch versus gangbaar grasland: circa 30% meer plantensoorten per perceel (45 percelen)bron
  • 988 % van mondiale sojaproductie naar veevoer Wereld: ca. 75-77% van de soja gaat naar veevoer (OWID 77% in 2018; WWF 2014 'around three-quarters')bron
  • 1437 euro per kg melk Externe maatschappelijke kosten melk 0,20 tot 0,58 euro per kgbron
  • 1463 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, bos: natuurkwaliteit 34 (intact ecosysteem=100), trend 2016bron
  • 1459 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, halfnatuurlijk grasland: natuurkwaliteit 32 (intact ecosysteem=100), trend 2016bron
  • 1460 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, heide: natuurkwaliteit 33 (intact ecosysteem=100), trend 2016bron
  • 1464 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, landnatuur gemiddeld: natuurkwaliteit 37 (intact ecosysteem=100), trend 2016; daling sinds 2005 gestoptbron
  • 1462 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, moeras: natuurkwaliteit 47 (intact ecosysteem=100), trend 2016bron
  • 1461 index (intact ecosysteem=100) Intrinsieke waarde, open duin: natuurkwaliteit 42 (intact ecosysteem=100), trend 2016, nog dalendbron
  • 1495 miljard euro, cumulatief 2010-2050 PBL 2016: kosten bodemdaling tot 2050 (prijspeil 2016): funderingsherstel stedelijk minimaal 16 mld, infrastructuur stedelijk 1,7-5,2 mld, landelijk gebied maximaal 1 mld, waterbeheer 0,2 mldbron
  • 1496 mm per jaar Veenbodemdaling in het landelijk gebied gemiddeld 8 mm per jaar, gevolg van lage grondwaterstand ten behoeve van intensieve melkveehouderijbron
  • 1455 procent MSA (ongestoord=100) Intrinsieke waarde, intensief agrarisch gebied en agrarisch grasland: MSA aangenomen op 10% van ongestoorde natuurbron
  • 1456 procent MSA (ongestoord=100) Intrinsieke waarde, stedelijk gebied: MSA-bijdrage op nul gesteld in MSA-NL (circa 0,5% landelijk volgens GLOBIO)bron
  • 980 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie eieren: 25% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 984 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie overig vlees (vooral schaap en geit): 6,3% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 982 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie pluimveevlees: 19,6% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 985 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie rundvlees: 3,8% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 983 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie varkensvlees: 8,5% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 981 % voereiwit naar eetbaar eiwit (bruto) Eiwitconversie volle melk: 24% van het voereiwit komt als eiwit in het product (bruto, mondiaal gemiddelde)bron
  • 558 % van longontstekingen in VGO-gebied VGO-I/II: ca. 89 extra longontstekingen per 100.000 inwoners per jaar door geitenbedrijven = ca. 5,4% (VGO-gebied, 2009-2013)bron
  • 990 kg mens-eetbaar voer per kg vlees zonder bot FAO/Mottet: 1 kg vlees zonder bot vraagt 2,8 kg mens-eetbaar voer (herkauwers) en 3,2 kg (varken, pluimvee)bron
  • 989 % van voeropname (droge stof) niet mens-eetbaar FAO/Mottet: 86% van het mondiale veevoer (6 mld t droge stof/jr) is niet eetbaar voor mensen; granen 13%, sojaschroot 4%bron
  • 991 kg mens-eetbaar eiwit in / kg dierlijk eiwit uit FAO/Mottet: herkauwers 0,6 kg en monogastrische dieren ca. 2,0 kg mens-eetbaar voereiwit per kg dierlijk eiwit (exclusief sojaschroot)bron
  • 1000 Mt eiwit per jaar netto (mondiaal) FAO/Mottet: herkauwers plus erfvarkens en erfkippen leveren netto ca. 4 Mt eiwit per jaar (41 Mt uit, 37 Mt mens-eetbaar voereiwit in); met sojaschroot een tekort van ca. 11 Mtbron
  • 999 kg eetbaar eiwit incl. soja / kg dierlijk eiwit FAO/Mottet: inclusief sojaschroot vragen herkauwers 1,0 kg en monogastrische dieren 4,2 kg mens-eetbaar voereiwit per kg dierlijk eiwit (alle vee 2,6)bron
  • 1001 % van mondiaal akkerland voor veevoer FAO/Mottet: veevoer gebruikt 2,5 mld ha (ca. helft van de landbouwgrond); 57% daarvan (1,3 mld ha grasland) is ongeschikt voor akkerbouw; ca. 560 mln ha akkerland = ca. 40% van het mondiale akkerlandbron
  • 1457 procent MSA (ongestoord=100) Intrinsieke waarde, Nederland totaal: Mean Species Abundance circa 15% (0,14 in 1990-2010), rond 1900 ruim 40%bron
  • 1453 kwalitatief Ostrom: acht ontwerpprincipes voor duurzaam collectief beheer van commonsbron
  • 1452 hectare Historische marken: in 1886 nog circa 36.000 ha onverdeelde markegrond, waarvan in 1893 circa 15.000 ha verdeeldbron